Saai.
Even de context. We zitten op zaterdagmiddag aan de eettafel, heerlijk te genieten van een vers gebakken tongetje. Er is genoeg van het witte goud. Ik smul als een klein kind van een gekoesterde lekkernij. Ik zit in mijn housepakkie, mijn haar ontploft, what ever, nobody see it. Ik geniet, vanmorgen heerlijk uitgeslapen, na een paar hectische drukke weken, is het nu vakantie. Vanmorgen wat klusjes gedaan, het huis aan kant. Wat een machtig gevoel.
Mijn mannetje heeft de boodschapjes gedaan. Vanmorgen 10 kilo stoofperen geschild, gekookt en ingewekt.
Laat de winter maar komen! Het gevoel van dergelijke controle zorgt voor een klein lachje. Kijk, hier houden wij van. We zijn net knaagdieren. Een wintervoorraad aanleggen voor de komende winter. Naast stoofperen zijn er ook nog een aantal kilo’s mooi, knappe snijbonen gesneden en ingevroren, kilo’s bieten geraspt kant en klaar, voorraad vlees ingeslagen en een voorraad houtpellets ingeslagen. Wij bereiden ons voor op een lange donkere het liefst koude winter. Goed ik wil niet met de eer strijken, want mij man komt alle eer toe. Hij is erfelijk belast, geërft van zijn moeder. Wat hebben we vroeger wel eens gelachen om het constant willen zorgen van haar kant, maar nu lijkt ze voor te bestaan in mijn man. Precies van hetzelfde hout gesneden.
Effin, waar waren we gebleven. Het woord saai.
Dochterlief vertelt aan tafel dat haar tutte (tante) vandaag, dus zaterdag, een dagje naar de IKEA is. Ik kijk mijn man aan en zeg: ‘Waar hebben ze zin in, verschrikkelijk’. Ik ga verder: ‘ Ik lijk zo niet op mijn zusje’. Waarop mijn dochter antwoord : ‘Dat komt, jij bent saai!’ ‘Hoe, bedoel je?’ Nou, daar kwam, dus een heel verhaal. Wij doen nooit wat, wij zijn saai. Ik luister en glimlach, mijn dochter heeft helemaal gelijk. Wij zijn namelijk het liefst thuis in ons eigen huis. Hier thuis speelt voor ons het meest waardevolle leven voorbij. Het puberbrein van mijn dochter wil er niks van weten. Het maakt me niks uit, want ik weet dat wanneer ze straks zelf gesetteld is, vaak terug denkt aan dat fijne, veilige, sfeertje van thuis.

Plaats een reactie